Home
Zoeken op onderwerp
Bedrijf & Organisatie
Home  > Bedrijf & Organisatie > Nieuws > Standpunten > Import van brandbaar restafval
_AZN2375_edit.jpg

Import van brandbaar restafval

De aankomst van het eerste schip met Napolitaans afval (overigens niet door Attero gecontracteerd) in ons land op 1 februari 2012 ging gepaard met veel negatieve publiciteit. Deze lijkt ingegeven door enerzijds ervaringen uit het verleden - toen het “slepen met afval” wel eens gebeurde vanuit minder edele motieven - en anderzijds door onvoldoende kennis over de huidige stand der techniek én Europese wet- en regelgeving.

Feit is dat door diverse oorzaken in de afgelopen jaren meer afvalverbrandingscapaciteit in Nederland is gebouwd dan nodig is voor het verwerken van Nederlands restafval. Het terechte streven naar meer preventie en hergebruik zal deze situatie waarschijnlijk niet veranderen. Om dreigende leegstand van installaties te voorkomen kijkt een aantal exploitanten naar de import van afval vanuit nabijgelegen EU-landen waar afvalverwerking veel minder ver ontwikkeld is en nog veel afval gestort wordt.

Attero is voorstander van de import van brandbaar restafval, ook op langere termijn, om de volgende redenen:

1. De milieubelasting van afval wordt op deze manier beperkt. Klik hier voor aanvullende informatie.
2. Uit economisch perspectief is het goed voor zowel Nederland als de landen van
    herkomst; in het geval van Attero vooral Groot-Brittannië en Ierland.
3. Import draagt bij aan behoud van vollast van de Nederlandse afvalenergiecentrales,
    zodat mogelijke ongewenste concurrentie met recycling binnen Nederland vermeden
    wordt.

ad 1
Vanuit het perspectief van ketendenken tonen studies (CE Delft) aan dat de milieu-belasting door verbranding van Brits/Iers restafval in een efficiënte afvalenergiecentrale in Nederland lager is dan bij storten in het land van herkomst. Dit ondanks de langere transportafstanden, omdat deze in de totale keten niet meer dan 10 tot 20 procent bijdragen. De lokale emissies in Nederland nemen wel iets toe, maar worden meer dan gecompenseerd door de duurzame eindverwerking: vermijding van inzet van fossiele brandstoffen voor elektriciteit- en/of warmteproductie elders in Nederland.

ad 2
Import van Brits/Iers afval leidt tot hogere bezettingsgraad van Nederlandse afvalenergiecentrales, en daarmee wordt kapitaalvernietiging voorkomen.
De exporterende landen kunnen investeren in duurzame recycling, en kunnen de zeer hoge investeringslasten van eigen afvalverbrandingsinstallaties belangrijk beperken of zelfs voorkomen.

ad 3
Vooral in enkele deelmarkten zoals bouw- en sloopafval kan er een relatie bestaan tussen de aanzuigende werking van afvalenergiecentrales enerzijds en de mate van recycling anderzijds. Door behoud van vollast zal zo’n eventuele aanzuigende werking van deze installaties achterwege blijven en blijft een hogere prikkel voor recycling bestaan.